Toen Festival Made®!, een nieuw en eigenzinnig project van het Internationaal Festival van Vlaanderen, aankondigde dat hun centrale thema dit jaar ‘Nachtmuziek’ zou zijn, schoten als van nature de antennetjes van het REC Radiocentrum de lucht in.
Snel kwam een samenwerking tot stand, die leidde naar de uitvoering van een wel
zeer speciaal experiment in de kerkers van het Gentse justitiepaleis. Air
Obscure was geboren.
Zaterdag 27 september had het REC twee locaties
ingepalmd in het oude gerechtshof. De cellen van de kelderverdieping, waar
beklaagden normaliter hun proces afwachten, vormden de eerste locatie, een van
nature onaangename plek die door een strategisch spel van verduistering en
belichting een nog bevreemdender, killer atmosfeer aannam. Bezoekers aan het
festival werden zonder veel misbaar naar een cel geleid, (vrijwillig!)
opgesloten en alleen gelaten met een hoofdtelefoon en een computerscherm. Dit
scherm bood een keuze uit zes ‘audiostromen’, geluidsfragmenten die elk een
ander aspect van de nacht illustreerden. Dat kon nachtmuziek zijn, kleine én
grote. Maar evengoed een eenzame stem in de nacht, een droom, het spel van
geliefden. Medewerkers van het REC hadden hun creativiteit de vrije loop gelaten
en zes heel erg verschillende interpretaties van hoe de nacht klinkt
bijeengeknutseld. Doel van dit experiment was te peilen naar wat mensen zelf
associëren met nachtgeluid, hoe ze erop reageren, of ze erdoor aangetrokken
worden of afgestoten.
Maar hoe viel dit na te trekken? Daar kwam de tweede locatie in het spel.
Dankzij een vernuftig stukje technologie, met plezier ter beschikking gesteld
door de firma Televic, kon een radiopresentator vanop grote afstand perfect
volgen wat er in de cellen gebeurde. De presentator hoorde wat de
bezoeker/luisteraar hoorde en kon, als het moment het toeliet, hen toespreken:
interpelleren over hun keuzes, vragen stellen, een praatje slaan. Vaak werd deze
ontlichaamde stem, die de hoofdtelefoon van de bezoeker binnendrong, met
ontzetting onthaald, soms met ongeloof. Het duurde even eer de bezoekers wilden
of konden antwoorden op de vragen die de stem hen stelde. Een stem, die zichzelf
niet voorstelde, nooit achter het gordijn van de illusie liet kijken. Aandringen
was soms nodig, maar nooit lang. Misschien was het de cocon van duisternis
waarin ze gehuld waren, een artificiële nacht, een gekunstelde eenzaamheid, die
de tongen deed loskomen, want zonder veel argwaan antwoordden de solitaire
luisteraars op de vragen van de onbekende, maar geruststellende stem.
Op deze manier overbrugde het REC de afstand die er immer blijft tussen een
maker van nachtradio en zijn luisteraar. Twee mensen die allebei wakker zijn
wanneer de meesten slapen, die daardoor met elkaar verbonden zijn, maar zelden
ongestoord met elkaar kunnen praten over wat hen bindt. Tenzij om een plaatje
aan te vragen.
De reacties op Air Obscure waren buiten alle
verwachtingen. Kinderen reageerden het spontaanst, aanvaardden de stem die hen
toesprak zonder enige gêne of verwondering. Ouderen genoten merkbaar van de
nocturnes die hen aangeboden werden, zouden ook zonder de interventie van de
presentator de ervaring meer dan geslaagd bevonden hebben, maar het enthousiasme
in hun antwoorden was even duidelijk. Jong en oud schenen een klein avontuur
beleefd te hebben in die cel. Zij leken de nacht op herkenbare en op vreemde
manieren te omarmen en bereid te zijn omarmd te worden door de nacht en hoe die
kan klinken. Geluid blijft mensen fascineren, mogelijks met een intimiteit die
beelden missen, hoe rijk ze ook zijn. Experimenteren met die intimiteit, die
herkenbaarheid, is minstens even fascinerend.



