Sabam zal vrachtwagenchaffeurs niet meenemen bij de berekening van de auteursrechten. Vlak voor het weekend is er dan toch nog klaarheid gekomen in de situatie die gisteren voor behoorlijk wat deining zorgde. De transportsector vreesde toen immers hoge kosten omdat ook de muziek die vrachtwagenchauffeurs in hun cabine beluisteren zou worden mee gerekend. De nieuwe overeenkomst stelt dat transportbedrijven bij de berekening van het aantal voltijdse equivalenten het aantal voertuigen met vervoersvergunning mogen aftrekken. Dat betekent een serieuze slok op de borrel bij de berekening van de auteursrechten en naburige rechten voor de transportbedrijven. Het volledige persbericht van Sabam kan je hier lezen.
Artikel 24/03/2011:
De auteursrechtenvereniging beschouwt de stuurcabine als een werkvloer. Het afspelen van muziek in de cabine wordt als dusdanig gezien als een vorm van publieke mededeling. Vrachtwagenchauffeurs zijn daarom volgens Sabam ook een bijdrage verschuldigd.
Het voorstel krijgt af te rekenen met felle kritiek. Zo spreekt Open VLD volksvertegenwoordiger Maggie De Block in een reactie van 'klinkklare nonsens'. ‘Blijkbaar wordt de radio beschouwd als een apparaat met louter een
muzikale functie. Nochtans is de radio een belangrijke informatiebron
aangaande de toestand op de weg en bijgevolg noodzakelijk voor de
uitoefening van het beroep als trucker.'
De Block wordt grotendeels bijgetreden door Minister van Ondernemen Vincent Van Quickenborne (eveneens Open VLD), die erkent dat de radio voor een trucker essentieel is voor het opvolgen van de verkeerssituatie, en de cabine beschouwt als een intieme ruimte. Het is voor Van Quickenborne dan ook moeilijk verdedigbaar om muziekgebruik in de vrachtwagencabine als een publieke mededeling te zien.
Sabam woordvoerder Thierry Dachelet reageert op zijn beurt: ‘Wij hebben onder voorzitterschap van minister Van Quickenborne het
akkoord Unisono gesloten met het bedrijfsleven, waarin bepaald is dat
alle bedrijven voor de muziek op de werkvloer een bijdrage betalen
afhankelijk van het aantal personeelsleden. Die met minder dan negen
zijn daarvan zelfs vrijgesteld'. Verder zijn er nog uitzonderingen voor ondermeer de sociale sector. In het geval van de vrachtwagens gaat het dus om een combinatie van verschillende kleinere werkvloeren, aangezien de gemiddelde stuurcabine niet bepaald voorzien is op 9 of meer inzittenden.
Voor Sabam maakt het geen verschil of het personeel zich in een vrachtwagen, een kantoor of een atelier bevindt. Het argument dat vrachtwagenchauffeurs hun radio nodig hebben voor hun veiligheid, houdt volgens Dachelet geen steek aangezien ze ondertussen wel naar muziek luisteren. Toch wil Sabam eventueel rekening houden met de argumenten uit de transportsector, hoewel daar voorlopig niets over beslist is.



